Qua kunst hadden we een uitgebreid programma. Het Musée d’Art moderne de la Ville de Paris (MAM) is na een verbouwing heropend. Daarom en ook omdat partnerlief een stuk over de kunstenaar Pierre Huyghe had vertaald gingen we er heen op een stralende zonnige vrijdag. Heel eerlijk gezegd zag ik het verschil niet met de laatste keer dat we er waren tíjdens de verbouwing.
Soms is een beschrijving van kunst beeldender dan de kunst zelf. Dat was het geval met Celebration Park van Pierre Huyghe. ‘Dansende Deuren’ kunnen op papier iets lichtvoetigs hebben, in het echt is het lomp. De ontkennende zinnen in neon (“I do not own modern times”) waren voor mij betekenisloos en pretentieus. En de films? Tja…
Pierre Bonnard is voor de Fransen een groot kunstenaar en het MAM vond een grote overzichtstentoonstelling vast een passend cadeau voor de stad. Het is altijd bijzonder als werk van een kunstenaar uit de hele wereld op één plaats wordt bijeengebracht. Voor Bonnard werkt het contra. Zo véél badende vrouwen, zo véél lieflijke tuinplaatjes, zo véél huiselijke tafereeltjes. We sjeesten bijna door de zalen. Gauw terug naar de echte zon buiten.
De volgende dag, nog mooier weer, gingen we naar
Beaubourg. Het is een prettig museum om te zijn en er is altijd wat te beleven. Dat viel dit keer een beetje tegen. De grote tentoonstelling was ‘Los Angeles 1955-1985’. Wat oud werk van Hopper, minder mooi werk van Hockney en verder veel pretentieuze werken die meer te maken hadden met engagement dan met kunst. De tand des tijds is dan hard. Via ‘Bande annonce’ in de link, kun veel van de werken zien.
Archaïsch was de aandacht voor vrouwelijke kunstenaars. Er was ook één zaaltje voor ingericht. En daar stond één object van een kunstwerk dat wel de tand des tijds heeft doorstaan: The Dinner Party. De Dinner Party is een prachtig (en groots!) werk waarin traditioneel vrouwelijke kunstvormen – borduren, patchwork – een nieuwe dimensie hebben gekregen en zo een hommage boden aan ‘grote vrouwen’. We schrijven 1979.
We keken nog even om het hoekje in de zaal naast Los Angeles. Daar was iets dat heette: Morphosis’. Het bleek een tentoonstelling te zijn van het werk van het gelijknamige architectenbureau uit Los Angeles. Pure pret: op pantoffels met een gele vilten zool in de vorm van de letters Morphosis schuifelde je over een glazen plaat, waaronder de maquettes. Zie de gele pijl bij de foto. De architectuur zal ongetwijfeld spraakmakend zijn, maar we hadden geen zin om op het glas te gaan liggen. We gingen liggen in het park. In de zon.







